Door: Ron Los
Inleiding:
Op één van de clubavonden werd me gevraagd eens een artikel te schrijven in het clubblad van de BaitRebels. Daarbij het verzoek een stukje op papier te zetten over mijn manier van vissen en daarbij behorende passie voor in het bijzonder de snoekvisserij. Wat mij trouwens wel even van het hart moet is dat de opkomst op de clubavonden op zijn zachts gezegd niet geweldig is. Heel erg jammer omdat het gelegenheden zijn wanneer je elkaar als leden van de BaitRebels kan ontmoeten terwijl het ook erg gezellig is. Voor degenen die het elke keer in hun eigen tijd weer organiseren zou het geweldig zijn als de opkomt de volgende keren wat hoger zou zijn….
Even voorstellen:
Allereerst wil ik me even voorstellen aan diegene die mij nog niet kennen. Ik ben Ron Los, 55 jaar jong en nu zo’n twee jaar lid van de BaitRebels. Als klein jongetjes ben ik begonnen te vissen toen ik een jaar of 7 oud was. Mijn vader heeft me het vissen bijgebracht. In het begin natuurlijk witjes vangen met de bamboehengel. Gaandeweg kwam de werphengel om de hoek kijken en gingen we samen ook snoeken en op snoekbaars vissen in de tijd dat de levende aasvis nog gebruikt mocht worden.
Snoek centraal:
Hoewel ik graag op meerdere vissoorten op verschillende manieren vis, is het toch met name de snoek die in de loop van al die jaren mijn hart heeft gestolen. Karpervissen en snoekbaarzen doe ik echter ook bijzonder graag. E.e.a. geeft ook wat welkome afwisseling door het jaar c.q. seizoen heen. In de gesloten tijd is het natuurlijk ideaal om met de pen of anders met lood op karper te vissen.
Levend aas:
Vanaf nu dus speciale aandacht voor de snoekvisserij. Zoals gezegd was in het begin de levende aasvis het aangewezen aas om mee op snoek te vissen. Een mooie spannende visserij omdat het wegschieten van de dobber en het draaien van de aasvis zo mooi kan worden gevolgd. Een manier van vissen die veel mooie momenten en ook heel prachtige vissen heeft opgeleverd. Niet dat formaat het belangrijkste is of een doel op zich, maar levend aas is in mijn ogen altijd een hét aas geweest om grote snoeken te kunnen vangen.
Kunstaas:
Later leerde ik een aantal andere sportvissers kennen die niet zo veel op hadden met het levend aas vissen. Zij gavende voorkeur aan het vissen met kunstaas. Met zelfgemaakt aas als spinners of spinnerbaits snoek vangen was voor hen een uitdaging. Extra uitdaging daarbij is dat je het aas eigenlijk zelf tot leven moet wekken. Inderdaad iets heel anders dan een aasvis die zelf zijn werk doet. Mijn interesse voor deze manier was dan ook snel gewekt. Natuurlijk mede ingegeven door het feit dat het vissen met de levende aasvis op een gegeven moment werd verboden door de politiek. Ik kon me trouwens best voorstellen dat je met kunstaas leuk snoek kon vangen mits je er eerst geloof in kreeg. De combinatie kunstaas en het hiermee ook grote snoek vangen zag ik echter niet zo zitten. Mijn vismaats beweerden echter zonder blikken en blozen dat het vangen van grote snoek wel degelijk met kunstaas tot de mogelijkheden behoorde. Uiteraard kwamen hierbij de fotoalbums te voorschijn als levend bewijs dat grote snoek en kunstaas wel degelijk samen kunnen gaan.
Met de boot:
Werd er de eerste tijd vanaf de kant gevist met vaak zelfgemaakte spinnerbaits, al gauw ging het kriebelen toen ik voor weinig een visbootje kon overnemen. Daardoor kwam ook het grotere water binnen handbereik. Samen met een aantal vismaten werd jaren lang vaak middels het slepen van pluggen achter de boot veel, heel veel snoek gevangen. Dit in een tijd dat er nog geen rijen trailers op je stonden te wachten bij de helling. Het was toen nog heel rustig op het water al kwam je hier een daar al wel een visbootje tegen. Later toen de vangsten met pluggen alras achteruit liepen door het bekende dressuur verschijnsel, ben ik bewust overgeschakeld op het gebruik van allerlei soorten soft baits.
Rubber aas:
Dit
genaamde rubber, is in allerlei vormen en maten en kleuren te verkrijgen. Een
visserij waarbij secuur, langzaam en op de juiste diepte en plekken snoek kan
worden gevangen. In feite is het vissen met rubber al slepend achter de boot een
variant op het verticalen. In die zin dat de lijn vaak vlak bij de boot
diagonaal het water in loopt. Door de korte lijn is er veel gevoel en snel
contact met de vis. Al met al is het vissen met rubber een visserij die in een
bepaalde tijd van het seizoen nog steeds heel succesvol kan zijn. Ook vanaf de
kant kun je er trouwens succesvol mee zijn. Wat dat betreft zouden jullie dit
zelf eens kunnen gaan proberen. Hier een paar merknamen van rubber kunstaas waar
ik veel vertrouwen in heb en die mij heel veel snoek hebben opgeleverd. De
Twinler en in iets mindere mate de Mega Grub van Rozemeijer zijn prima. Verder
is de Replicant van Fox perfect. De zogenaamde Sandra scoort ook goed net als de
imitatie Bull Dawgs (zonder ingebouwd lood en van die vreselijke grote botte
dreggen) Gek genoeg bleek het gebruik van groot rubber (vanaf een cm of 13) ook
verhoudingsgewijs veel grote snoek op te leveren. Wat dat betreft heb ik mijn
mening over kunstaas moeten bijstellen want je kunt er inderdaad veel maar ook
grote snoek mee verschalken.
Dressuur:
Na een flink aantal jaren veel succes te hebben gehad met kunstaas op voornamelijk het grote water, viel het steeds meer op dat het drukker en drukker werd op het water. Waar je voorheen het water bijna voor jezelf had is het tegenwoordig op de bekende stekken bijna file varen.
Natuurlijk gun je ook anderen wel hun visje en visserij maar het gevolg is wel dat er een steeds grotere druk komt te staan op het water. Hierdoor laat de snoek zich (misschien met uitzondering van het begin van het roofvisseizoen) steeds moeilijker vangen. Kunstaas is er in veel verschillende varianten maar snoek raakt er toch op een gegeven moment behoorlijk op gedresseerd. Met als gevolg meer vissers die uiteindelijk minder snoek vangen. Wat dat betreft is het blijven afwisselen met aas en techniek noodzakelijk om dressuur te doorbreken.
Dood aas:
Een aas dat mij de laatste tijd weer veel vis heeft opgeleverd is de dode aasvis. Of het nu dode voorns, blieken of zeevis als haring, Portugese sardines of grote spiering is wat gebruikt wordt, je kunt er uitstekende resultaten mee behalen mits je er in de juiste tijd op de juiste plek op een doeltreffende manier mee vist. Wat dat betreft is het hierbij wel heel belangrijk dat je vertrouwen hebt in de plek (stek) en het aas, want mijn favoriete manier van dood aas vissen is eigenlijk best wel passief. Vergelijk het met het vissen op karper waarbij je soms behoorlijk geduld moet hebben alvorens een aanbeet te krijgen. Wel gebruik ik in combinatie met het vissen met dood aas altijd een dobber omdat ik een voorkeur heb voor het visueel kunnen volgen van de aanbeet boven het alleen maar wakker schrikken van een fluitende pieper waarbij de vis zich al zo’n beetje heeft gehaakt. Plotseling die beweging in de dobber en het wegduiken in het diepe zwarte water is echt bloedstollend spannend. Belangrijk is in mijn ogen wel dat je deze passieve visserij in het juiste seizoen toepast. In de late herfst en winter zoeken snoeken namelijk bepaalde hoeken en plekken van het water op waar het vaak wat dieper is en waar dan ook concentraties van witvis zijn te vinden. Waar in de zomer de snoek zich veel gelijkmatiger heeft verdeeld over het water zijn het in de winter slechts bepaalde plekken waar ze zich ophouden. Wat dat betreft een kwestie van proberen en ervaring opbouwen. Het is mij met name in die winterperiode opgevallen dat het stationair/passief presenteren van een aasvis op de bodem veel meer effect sorteert dan het slepen met aasvis of kunstaas. Er zijn op het grote water echt periodes van vele weken dat de snoek met kunstaas of ander gesleept aas niet of nauwelijks is te vangen. Blijkbaar weet de snoek instinctmatig dat met watertemperaturen van enkele graden Celsius niet te veel energie kan worden verspeeld met het zwemmend opsporen en najagen van (levende) vis. Hij mag nu namelijk niet te veel vet verbranden. Verder is de eerder genoemde dressuur op kunstaas debet aan de goede resultaten die ik de laatste tijd met doos aas heb behaald.
Op internet zijn er talloze bruibare onderlijn systemen te vinden welke in combinatie met een dobber goed tot hun recht komen. Ben je een klein beetje handig, maak dan bij voorkeur je onderlijnen zelf, want de kant en klare onderlijnen uit de winkel laten vaak qua kwaliteit te wensen over. Houdt het simpel en kies je dreggen nu ook weer niet te groot en lomp. Wat dat betreft moet de aanbieding zo geraffineerd mogelijk zijn.
Afsluiter:
Bedankt voor jullie aandacht en alvast voor het nieuwe seizoen veel visplezier toegewenst. Ik hoop jullie op het water of toch anders zeker op een volgende club bijeenkomst te ontmoeten.
Ron Los